Aanstelling aan een universiteit
Een van de mogelijkheden is om je
doctoraatsonderzoek te verrichten in het kader van een assistentenmandaat. Je
behoort dan tot het Assisterend Academisch Personeel (AAP) van de universiteit.
Als assistent sta je het Zelfstandig
Academisch Personeel (ZAP=de professoren) bij in hun opdracht. Je taak heeft
betrekking op het assisteren bij het academisch onderwijs (= het ondersteunen
en begeleiden van oefeningen, practica, lessen), het uitvoeren van
wetenschappelijk onderzoek en het desgevallend verrichten van wetenschappelijke
dienstverlening aan de gemeenschap. Soms is het even zoeken naar een evenwicht
tussen de onderwijstaken en tijd voor het eigen onderzoek, alhoewel elke
universiteit daar richtlijnen over heeft. Een dergelijke combinatie verschaft
je evenwel nuttige onderwijservaring. Door oefeningen of praktijklessen te
geven leer je wetenschappelijke informatie op een duidelijke, gestructureerde
manier over te brengen aan je studenten. De communicatie met je studenten leert
je eveneens hoe je constructieve feedback geeft en zal je beslist helpen om je
eigen onderzoeksargumenten beter te verwoorden, of te anticiperen op mogelijke
kritiek.
Een assistentenmandaat is een aanstelling
van bepaalde duur (meestal zes jaar). Je ontvangt een wedde van de
universiteit, en zoals elke loontrekkende betaal je belastingen. Alle nieuwe
aanwervingen moeten gebeuren op basis van vacantverklaring van een functie met
welomschreven functie-inhoud. Vaak vind je een overzicht van de vacatures op de
website van de universiteiten.